| Algemeen |
| - |
Lees eerst de
gebruiksaanwijzing bij de lader. |
| - |
Gebruik uitsluitend batterijen van
gelijke capaciteit en van hetzelfde merk. |
| - |
Altijd in
een droge en goed geventileerde ruimte laden. |
| - |
Om diepontladen
te voorkomen nooit de batterij volledig leeg trekken (kortsluiting). |
| - |
Een
batterij die lang niet gebruikt wordt moet regelmatig worden geladen. |
| - |
De lader genereert warmte: dek de lader daarom nooit af. |
| - |
De omgevingstemperatuur tijdens het laden moet liggen tussen 0 en
30° C. |
| - |
Nooit bij open vuur
of andere warmtebron (zoals direct zonlicht ) laden. |
| - |
Plaats de
lader in het zicht zodat u het laadproces kunt volgen en controleer
de temperatuur van de cellen regelmatig. |
| - |
Bij temperaturen boven
de 60° C zullen de accucellen onherstelbaar beschadigen. |
| - |
Controleer connectoren (loszittende bedrading leidt tot kortsluiting). |
| - |
Goed laden = Veilig laden. |
| - |
Onderbreek het laadproces niet (de
ingebouwde timer zal opnieuw beginnen maar het proces zal eerder op
onderhoudsladen overgaan). |
| - |
Controleer altijd of het snelladen
is begonnen . (Oranje) |